maandag 16 januari 2012

Tas gestolen

Met de bus kan ik nog het Centraal Station van Utrecht bereiken. Al doen we er wel bijna een uur over. In de grote hal is het druk. Zo druk heb ik het nog nooit gezien. Honderden mensen kijken gespannen naar het grote blauwe bord met treintijden. Een aantal stoptreinen vertrekt met grote vertraging. Sneltreinen rijden niet meer. Mensen praten met elkaar, vragen om hulp of informatie. Bij de zuil met telefoons in het midden van de hal staan vier rijen mensen te wachten om naar huis te kunnen bellen of alternatief vervoer te regelen.

Op verschillende plekken rond Utrecht zijn takken of hele bomen op het spoor gewaaid. Het treinverkeer ligt plat. Overal staan kilometerslange files.

Ik zie dat thuiskomen met de trein er niet meer inzit vandaag en besluit achter in de rij voor de telefoons aan te sluiten. Toch maar Johanna laten weten dat het iets later wordt. Misschien kom ik helemaal niet thuis. Nou ja, het is vervelend, maar spannend ook wel.

Het is half twaalf en eindelijk kan ik naar huis bellen. Johanna is wel enigszins ongerust, maar ze heeft ook wel gezien wat er in het land aan de hand is. Ik loop doelloos door de hal. Afwachten wat er gaat gebeuren. Er gebeurt niets en toch heel veel. Een grote groep mensen dromt samen voor twee lange tafels met enorme pannen met erwtensoep en bakken met broodjes. Een aantal mensen van het Leger des Heils schept plastic kommen vol soep en deelt broodjes uit. Urenlang. Hoe zij dit zo snel georganiseerd krijgen is me een raadsel. Er is dankbaarheid alom. De mensheid is zo slecht nog niet.

Om één uur ’s nachts wordt omgeroepen dat er in de Beatrixhal van het Jaarbeurscomplex bedden zijn neergezet voor de mensen die niet weg kunnen komen uit Utrecht. Het leger is ingezet om de veldbedden te regelen. In de hal staan werkelijk honderden bedden met dekens klaar, met naast elk bed een stoel. Goed gedaan.

Ik hang mijn jas over de stoel en zet mijn tas op de grond naast me neer. Ik ga liggen, maar kan, ondanks dat ik best moe ben, de slaap niet vatten. Om half zes schrik ik wakker en het duurt even voor ik me realiseer waar ik ben. Ik moet toch tegen half vier weggedommeld zijn. Ik sta op, trek mijn jas aan en wil mijn tas pakken. Shit, weg. Ik kan het niet geloven. En uit de binnenzak van mijn jas is ook mijn portemonnee weg.

Wat een klotendag, wat een klotenvolk.

6 opmerkingen:

Heldinne zei

bah, wat een kloten-ervaring

linguagg (language! Papagoose!;-)

reflexxus zei

ja, de sfeer kan heel warm verbroederend oplopen in het OV...

trouwschrijvers zei

En dan is er nog geen sneeuwvlok gevallen..
Maar dat je ook nog beroofd bent vind ik helemáál erg!

P.

Papagoose zei

Gelukkig heeft dit zich zo'n 20 jaar geleden afgespeeld in het pre-mobiele-telefoon-tijdperk. De herinnering kwam bovendrijven door de schrijfveer van vandaag. Het is wel echt zo gebeurd, helaas.

Ferrara zei

Het dievengilde is overal en slaapt nooit. Vervelende ervaring en de nasleep die je hebt tegenwoordig met al die pasjes.

adriaanhendriks zei

Ga nooit bij het Leger des Heils slapen.